Humor

Ik houd van humor in de les. Zelf ben ik niet bijzonder grappig, maar gelukkig zijn er op het web genoeg vermakelijke verhalen, grappige sketches, kostelijke gedichten enzovoort te vinden.

De sketch ‘Het opstel’ van Brigitte Kaandorp doet het altijd goed als introductie op de (werkwoord)spelling.

Ik laat ook graag verhalen van Maarten Biesheuvel horen via de Biesheuvelpodcast van de VPRO. Het verhaal ‘Op de grote weg’, over een naïeve, ietwat overmoedige puber, scheuren op de Autobahn, pech en kotsen, is altijd een groot succes in de derde klas. Natuurlijk is het me niet alleen om het lachen te doen. Na dit luisterverhaal lezen en analyseren we klassikaal nog twee korte verhalen van Biesheuvel (‘Brommer op zee’ en ‘Vis’), waarna de leerlingen een kort portret van de schrijver maken. Daarbij wijs ik ze op goede bronnen, zoals Schrijversinfo en de site van Biesheuvels uitgever. Ook laat ik de leerlingen een interview met een Biesheuvelfan op de site van het Algemeen Dagblad lezen.

De absurde alledaagsheid van Drs. P., zoals in het lied ‘Knolraap en lof, schorseneren en prei’, vormt een goede aanleiding voor woordenschatonderwijs, een les over rijmschema’s en een opmaat voor gedichten als ‘Jonge sla’ van Rutger Kopland en ‘Pluk de dag’ van C. Buddingh’.

Als uitsmijter laat ik wel eens een sketch van Van Kooten en De Bie zien. Sommige zijn zo tijdloos dat ze nog steeds 13- tot 15-jarigen kunnen doen schateren.